Kammen en borstelen

Tips van uw ABHB-trimster voor het borstelen en kammen van uw hond.

Waarom moet ik mijn hond borstelen of kammen?
Daar zijn meerdere redenen voor aan te geven.

 

Door regelmatig en op de juiste manier (zie techniek) de vacht te borstelen en te kammen kun je voorkomen dat langharige honden klitten in hun vacht krijgen, of nog erger, compleet vervilten. Voor de hond voelt dat dan aan als een trui die te heet gewassen is .Zitten er eenmaal klitten in, dan is het verwijderen hiervan voor de hond niet echt leuk, soms zelfs ronduit pijnlijk. De enige mogelijkheid is dan de hond kort te scheren en dat willen we natuurlijk voorkomen.
Elke hond verhaart, in de natuur zorgt dat niet voor een probleem, in huis vaak wel. Door te borstelen kunt u dat binnen de perken houden. Tegelijk stimuleert het borstelen de bloedsomloop en dat is mooi meegenomen. U hebt dan ook de mogelijkheid om elke vierkante centimeter huid van uw hond te controleren op eventuele ongerechtigheden. Bedenk ook dat alleen een goed verzorgde hond er optimaal uit kan zien .En last but not least, een plezierige borstelbeurt verstevigt de band tussen hond en baas.

Voorbereiding en materiaal
Zoals met de meeste dingen is een goede voorbereiding het halve werk.

Kies voor het borstel-/kamwerk een vaste plaats, bij voorkeur niet op de grond. Dat is namelijk de plaats waar de hond speelt en hoe leuk kammen en borstelen ook kan zijn, het is geen spelen. Wat is een geschikte plek? Ideaal zou zijn als u een trimtafel ter beschikking heeft die voorzien is van een stroef en goed te reinigen oppervlak, met liefst de mogelijkheid uw hond vast te zetten. Voor kleiner honden zijn er meer mogelijkheden, denk daarbij aan een gewone tafel met daarop een rubber matje, de wasmachine of de kliko. Eventueel kunt u een haakje in de muur maken waar u de hond aan vast kunt zetten om te voorkomen dat hij ervan af springt of valt.
Hebt u de juiste plek, dan is het zaak om het juiste materiaal te gebruiken. Om u een globale indruk te geven:
Voor kortharige honden zal een rubber borstel genoeg zijn, aangevuld met een fijne kam.
Voor stokharige (denk aan herders) of ruwharen is een pennenborstel met een kam nodig en in de ruiperiode zal van zwaarder geschut gebruik gemaakt moeten worden. Daarbij moet u denken aan bijvoorbeeld een herderhark.
Voor langharige honden is ook een pennenborstel nodig, al dan niet met nopjes, gevolgd door de kam om er zeker van te zijn dat er geen klitjes achter gebleven zijn. Voor het materiaal dat specifiek bij de vacht van uw hond past, kunt u het beste uw trimster om advies vragen.

Techniek
Goed materiaal alleen is niet genoeg, de juiste techniek is minstens zo belangrijk.

Een kortharige hond kunt u met de haargroeirichting mee borstelen. Hierbij kunt u achter de schedel beginnen en dan naar achter en naar beneden werken. De broek is soms voorzien van wat meer onderwol en heeft dan wat meer aandacht nodig. Nawerken met de fijne kam, weer met de haargroeirichting mee, vergeet daarbij het hoofd niet. Stokharen/ruwharen kunt u ook met de pennenborstel met de haargroeirichting mee behandelen. Het kortere haar op de benen en het hoofd kunt u met de kam doen. Sommige stokharen hebben een behoorlijke broek en een vlag aan de staart, deze eerst met de borstel en daarna zorgvuldig met de kam bewerken. Ruwharen kunnen wat langere haren krijgen als de trimbeurt alweer een poosje geleden is, ook dit haar kan gaan klitten. Meestal is dit met borstel en kam op te lossen, soms kan het tijd zijn voor de volgende trimbeurt.
Langharen vragen wat meer aandacht. Laat uw hond op z’n zij liggen. Begin bij de tenen van de achtervoet. Houd met uw niet-kamhand de haren van het been omhoog en kam met uw andere hand laagje voor laagje de haren naar beneden (=naar de tenen toe) onder uw niet-kamhand vandaan. Op deze manier ziet u steeds een stukje huid en weet u zeker dat u tot op de huid geborsteld/gekamd hebt. Ook is het zo dat u op deze manier klit voor klit aan kunt pakken. Zou u in een keer van de rug naar de tenen toe willen kammen, dan loopt u vast op alle klitten die daar zitten. Ga systematisch te werk, dan weet u zeker dat u elke vierkante centimeter gehad hebt. Hebt u een erg bewerkelijke hond, varieer dan met welk been u begint. U loop anders het risico steeds hetzelfde gedeelte van uw hond over te moeten slaan door bijv. tijdgebrek of ongedurigheid van uw hond. U kunt de borstel-/kambeurt van een bewerkelijke hond ook over bijv. 2 dagen verdelen, zolang u maar in de gaten houdt dat elke haar aan de beurt komt/geweest is.

Let vooral op klitgevoelige plekjes. Bij kortharen zal dit geen probleem zijn, bij stok-/ruwharen moet u denken aan de plekjes achter de oren en de broek. Bij langharen komen daar nog de oksels en de binnenkanten van de benen bij. kijk ook eens tussen de tenen van uw hond, daar kunnen ook klitten voorkomen. Komt u een klit tegen, probeer deze dan uit te pluizen, begin aan de rand van de klit met uw vingers of met de punt van de kam de klit uit elkaar te halen. Bij heel dikke klitten kan het nodig zijn deze in kleinere klitten te verdelen door met een geopende schaar van de huid af naar “buiten” door de klit heen te “zagen”. Zo verdeelt u een groot plakkaat in twee, vier of, indien nodig, nog meer kleinere klitten. Deze kunt u dan weer uitpluizen. Voor de hond zal dit gedeelte, ook al doet u het nog zo voorzichtig, altijd enig ongemak opleveren. Probeer het daarom te voorkomen door de hond met de juiste frequentie te borstelen/kammen. Die juiste frequentie is niet alleen afhankelijk van de vachtsoort, maar ook van het leven dat uw hond leidt. Een hond die alleen aan de riem een paar honderd meter per dag over de stoep loopt, zal minder kamwerk vragen dan een hond die lekker in de vrije natuur z’n energie kwijt mag raken. En natuurlijk zorgt u ervoor dat uw hond ongediertevrij blijft. Door de irritatie die bijv. vlooien opleveren zal uw hond zich gaan bijten en krabben en dat is, op z’n zachtst gezegd, niet bevorderlijk voor zijn vacht.

Wilt u van tijd tot tijd uw hond wassen (en dat kan heel nuttig zijn als uw hond aan het verharen slaat of als hij ergens in gezeten heeft) zorg er dan voor dat u de juiste shampoo hebt, eventueel een conditioner erbij om het kammen te vergemakkelijken en zorg ervoor dat er absoluut geen shampoorestjes in de vacht achterblijven. Heb niet de illusie dat u klitten eruit kunt wassen, zelfs niet als de shampoofabrikant die indruk wekt. Integendeel, als er klitten in zitten, zullen die door het water en het wrijven alleen maar vaster komen te zitten. Zorg dus dat uw hond klitvrij is voordat hij in bad gaat.
Een natte hond kunt u natuurlijk vanzelf op laten drogen. Dat kan lang duren en zeker bij lagere temperaturen kan dat voor de hond te koud zijn. Beter is het om de hond na zijn bad goed af te drogen en hem daarna droog te föhnen. Gebruik daarvoor een niet te warme föhn, zet ‘m niet te dicht op de huid en borstel de hond tijdens het föhnen door. Op die manier krijgt de hond een vacht die mooi los valt.

Zoals u ziet, vraagt goed kammen/borstelen tijd, aandacht, energie, geduld en inzicht. Als baas hebt u de “plicht” om de vacht van uw hond goed te onderhouden. Hij kan het immers niet zelf doen. Met een goed onderhouden vacht kunt u een hoop narigheid voor de hond in de vorm van huidaandoeningen en pijn bij het ontklitten voorkomen.

Lukt het u niet om met behulp van bovenstaande tips de vacht van uw hond goed te borstelen/kammen, aarzel dan niet om tijdig de hulp van uw trimster in te roepen. Ieder zijn vak, zullen we maar zeggen.